We fight cancer

Elaine van Veen

Even kennismaken. Mijn naam is Elaine van Veen en ben 46 jaar, getrouwd en moeder van 3 dochters. Op 21 jarige leeftijd verloor ik mijn moeder aan borstkanker, zij was 41 jaar. De gedachte dat dit ook mij zou kunnen overkomen speelde al jaren door mijn hoofd.

2 Maart 2010 voelde ik een bobbeltje in mijn rechterborst, alarmbellen gaan direkt rinkelen. Na het weekend naar de huisarts. Die maakt gelijk een afspraak voor de volgende dag in het ziekenhuis. Mammografie, echo en een punctie volgen maar een bioptie geeft pas duidelijkheid. Mri en botscan volgen. Chirurg en oncoloog raden aan eerst een chemokuur te ondergaan en zo de tumor te doen krimpen zodat er borstbesparend geopereerd kan worden.
stacks_image_3FDADFAD-2731-4C7A-9B7E-0F59C79A2CC8
Grootste nachtmerrie gaat beginnen. 16 kuren in 20 weken. Vervelend maar niet verschrikkelijk. De bijwerkingen waren gering. Mijn lichaam kon de kuur hebben. Waar ik het meeste moeite mee had was dat dit alles me uit mijn normale doen haalde. Eten, werken, slapen, sporten enz, alles werd anders. Bij alles nadenken, kan het of kan het niet. Elke dag draait om het ziek zijn, het is nooit eens weg. Je wilt dat het gezin zo normaal mogelijk doorgaat en dat iedereen zo min mogelijk last heeft van de situatie. Dat is me erg zwaar gevallen. Lichamelijk was het te doen maar geestelijk des te zwaarder.

Kale kop, errug vond ik dat. Na de kuur blijkt borstbesparend toch niet mogelijk, amputatie volgt. Daarna direkt therapie want die arm moet omhoog. 26 bestralingen, elke dag voor 5 weken. Therapie heb ik nog steeds, mijn rechterarm kan nog steeds niet wat mijn linker kan. Een pilletje per dag voor 5 jaar, dit moet de aanmaak van hormonen afremmen.

Ik ben wel onderzocht op erfelijkheid en dat blijkt zo te zijn. Ik ben drager van het BRCA2-gen. De kans dat ik borstkanker zou krijgen was ook 80%, niet gering toch. Dit houdt in dat er nog een operatie volgt om de eierstokken te verwijderen. Ook wat nu te doen met de borst die ik nog heb. En het ergste van het hebben van dit gen is de vraag wat dit voor onze kinderen betekend. Ook zij hebben 50% kans om drager te zijn van het gen. Zij komen dus ook in het medische terecht.

Op de vraag hoe het nu met me gaat kan ik zeggen HEEL GOED. Krijg weer energie, voel me sterk. Heb weer een redelijk "normaal" leven. Gelukkig zijn er ook weer dagen zonder kanker. Vertrouwen hebben in mijn lichaam is nog moeilijk. Een jaar geleden voelde ik me ook prima, dat zegt dus niet veel.